5 verrassende dingen die ik ontdekte in Duitse supermarkten – en die je in Nederland niet vindt

Je kent het wel: je staat in een buitenlandse supermarkt en wordt overspoeld door producten, verpakkingen en prijzen die compleet anders zijn dan thuis. Een bezoek aan de supermarkt is voor mij bijna een ritueel als ik in het buitenland ben. Niet de musea of de restaurants vertellen me het meest over een land, maar de schappen van de winkels. Producten, verpakkingen, openingstijden – het schetst direct een beeld van het dagelijks leven van de lokale bevolking.

Dit keer neem ik je mee naar Duitsland, waar ik vijf verrassende dingen tegenkwam die je in Nederland waarschijnlijk niet snel zult vinden. Bereid je voor op een kleine culturele schok!

Zondag: een echte rustdag

“Laten we onderweg even stoppen bij een supermarkt, wat eten kopen en een picknick houden,” stelde ik voor aan een vriend tijdens mijn eerste reis naar Duitsland. Het was de laatste dag van onze vakantie. We waren op weg naar het pittoreske Pottenstein in Franken, met zijn kasteel op de berg – we wilden gaan wandelen en de dag in de natuur doorbrengen.

Mijn vriend moest lachen: “Dat gaat niet lukken. Het is zondag – niemand werkt.”

In Nederland zou zo’n reactie vreemd klinken. We zijn gewend aan supermarkten die bijna non-stop open zijn, tot laat in de avond, en waar weekenden de drukste periodes zijn. In Duitsland is het anders. Hier geldt de zogenaamde Ladenschlussgesetz – de wet op de winkeltijden, die al meer dan honderd jaar in verschillende vormen bestaat.

Volgens de huidige regelgeving zijn de meeste winkels alleen geopend van maandag tot en met zaterdag, meestal van 6:00 tot 20:00 uur. Zondagen en officiële feestdagen zijn gereserveerd voor rust. Dit is echter niet alleen ter bescherming van werknemers; het is een hele filosofie. Zondag wordt hier gezien als tijd voor familie, cultuur, gemeenschap en… rust. Iedereen moet rusten, zowel de verkopers als de kopers.

Een interessant detail: boerenmarkten en kleine lokale kermissen zijn op feestdagen vaak wel geopend. De zondagse sluiting van supermarkten in Duitsland wordt daarom gezien als een soort sociale balans – de grote winkels hebben verdiend, nu is het tijd voor de kleinere winkels om te doen.

Winkels waar niet iedereen zomaar binnenkomt

Nog een culturele schok: de ‘Tafel’ winkels. Rijen vormen zich al lang voordat ze opengaan. Dit zijn non-profit winkels waar het assortiment bestaat uit producten die door fabrikanten en winkelketens zijn gedoneerd. De producten zijn symbolisch geprijsd of zelfs gratis. Maar niet iedereen komt er binnen.

Bij de ingang staat een beveiligingsmedewerker die controleert of de bezoeker aan de gestelde sociale criteria voldoet. Dit zijn winkels bedoeld voor mensen met een laag inkomen.

In Nederland zijn we gewend aan liefdadigheidsacties of steunfondsen, maar dit model – reguliere sociale winkels met strikte selectie – bestaat nog niet in onze winkelcultuur.

5 verrassende dingen die ik ontdekte in Duitse supermarkten – en die je in Nederland niet vindt - image 1

Prijs op het schap en bij de kassa – niet hetzelfde, en dat is normaal

Er gaan legenden over de Duitse nauwkeurigheid, maar in de detailhandel zijn ze, zo blijkt, niet zo’n pedante als we denken. Prijsverschillen tussen het schap en de kassa zijn in Duitsland heel gebruikelijk. Het verschil is dat we in Nederland in dergelijke situaties kunnen terugvallen op consumentenbescherming en kunnen eisen dat het product wordt verkocht voor de prijs die op het schap staat vermeld. In Duitsland is de juridische logica anders: de koopovereenkomst wordt geacht te zijn gesloten bij de kassa, niet bij het schap. Dit betekent dat de definitieve prijs degene is die bij de kassa wordt gescand.

De meeste winkels, om conflicten te vermijden, retourneren het prijsverschil wel als de koper dit kan bewijzen. Juridisch gezien zijn ze echter niet verplicht dit te doen.

Producten en verpakkingen die ‘verkeerd’ lijken

Het lijkt erop dat de schappen van onze supermarkten vandaag de dag alles al hebben gezien. Producten van over de hele wereld, tientallen alternatieven voor elke smaak. En toch vond ik in Duitsland menig product dat raar zou overkomen in Nederland.

Bijvoorbeeld Mettwurst. Bij ons wordt het meestal verkocht als een apart vleesproduct, maar in Duitsland zit het in potjes. Of vers gistdeeg voor broodjes: in Nederland in plastic zakken, in Duitsland in kartonnen doosjes. Zelfs de gezouten haring heeft daar zijn eigen nuances. Waar wij het meestal combineren met uien of olie, is de Duitse klassieker haring in roomsaus.

Dit is geen kwestie van tekort, maar simpelweg van verschillende culinaire tradities en gewoonten, die perfect worden weerspiegeld door de schappen van de winkels.

Producten die we in Nederland niet meer tegenkomen

In het buitenland vind je vaak Nederlandse of regionale producten – waar de diaspora woont. Maar het verraste me dat in Duitsland sommige producten die we kennen, niet in gespecialiseerde winkels, maar in volkomen normale supermarktschappen te koop zijn.

Van borsjt en vareniki tot snoepjes, mierikswortel of ingemaakte groenten. Weliswaar worden ze vaak niet in Litouwen geproduceerd, maar in Polen of ter plekke, in Duitsland. Nog meer verrast waren de producten die ik me uit mijn kindertijd herinner in Nederland – rijstsalade met groenten, pittige saus ‘Ogoňok’, berkenwater in potten. Het laatste dat ik zoiets in Nederland zag, was in de jaren ’90. In Duitsland lijken ze nog steeds hun kopers te hebben.

Dergelijke observaties laten zien hoe verschillend de dagelijkse cultuur zich ontwikkelt, zelfs in relatief nabije Europese landen. En jij – welke onverwachte dingen heb je opgemerkt in supermarkten in het buitenland?

Wat vind je hiervan? Je mening is belangrijk! Laat een reactie achter of deel de artikelen met vrienden.

Plaats een reactie